Kennismaken met de tweede Seat Ibiza – Uit de Oude Doos

De grote ‘Volkswagen-revolutie’ van Seat begon in 1991 met de komst van de Toledo; een gloednieuwe opvolger van de Malaga, op basis van de Volkswagen Golf. Dat kunstje herhaalde Seat twee jaar later nog eens met de tweede generatie van de Ibiza, die zijn techniek deelde met de Volkswagen Polo. Ook voor het design werd er gekeken naar wat de Duitsers succes had gebracht, want grootmeester Giorgetto Giugiaro zette de basislijnen van deze nieuwe Ibiza op papier.
Het resultaat was een Ibiza die op diverse fronten afscheid nam van zijn voorganger van de oude Seat-Fiat-stempel. Was het dan voortaan simpelweg een Duitse auto die in Spanje werd gebouwd? Nou, nee, er bleven ondanks de inmenging van VW toch wat typische Seat-elementen. Vooral bij het rijden kwam dat naar voren, maar daarover straks meer.

Typisch Ibiza
Om te beginnen was Seat er (samen met Giugiaro) aardig in geslaagd om de Ibiza een eigen gezicht te geven. Maar we vonden dat hij hier en daar ook nog wel een beetje deed denken aan zijn voorganger: “Net als de oude Ibiza heeft de nieuwe een bijzonder korte overhang achter, maar in overeenstemming met de heersende trend is de Ibiza van ’93 ronder en natuurlijk lijkt hij op zijn grotere broer Toledo. Evenals bij de Toledo vinden we in het interieur diverse knoppen en hendels die berijders van een jonge VW of Audi bekend voor zullen komen, maar we komen ook typische Ibiza-trekjes tegen zoals de opvallend grote handgrepen aan de voorportieren en het opbergkastje links onder het stuur.”
Onderweg met de nieuwe Ibiza viel op dat er nog meer parallellen waren met de eerste Ibiza. Opvallend, want de technische basis was totaal anders en Volkswagen had een nogal andere reputatie op het gebied van weggedrag dan Seat en Fiat. “Rijden met de onder VW-regie gemaakte Ibiza roept herinneringen op aan het rijden met een uit Seats Fiat-tijd stammend exemplaar. De vering is weker dan we gewend zijn van vrijwel alle Europese en Japanse concurrenten van dit Spaanse model. Je kunt ook het stuur en klein stukje naar links of naar rechts bewegen zonder dat de wielen daarop reageren. Als gevolg van de weke vering helt de auto in snelle bochten duidelijk over.” De Ibiza was volgens Seat een stuk ‘comfortabeler geveerd’ vanwege de slechte wegen in Spanje en het kleine beetje speling op het stuur was er bewust om kuilen in de wegen niet te abrupt door te geven aan de bestuurder. Dat was de officiële verklaring die wij destijds kregen van Seat. Met terugwerkende kracht een opvallende insteek, dat later juist meer als het sportievere broertje van Volkswagen in de markt kwam te staan.

Toch nog sportief
Hoewel we vonden dat de standaard Ibiza met hogere snelheden dus ietwat onzeker aanvoelde,  was daarvan bij de GTI totaal geen sprake. Die reden we eveneens en die maakte nogal indruk. Dat er ook nog een versie in het vat zat met de 1.8 zestienklepper van de Golf in de neus, liet ons al helemaal op het puntje van onze stoel zitten. Voor de meeste Nederlanders zou die niet zijn weggelegd en Seat verwachtte vooral veel van de Ibiza met 1.3. De instapper was een wat krap bemeten 1.0 en boven de 1.3 kwamen bij de introductie nog een 1.6, 1.8 en de 2.0. Voor de dieselaars was er de 1.9 D. Later zouden er onder meer nog een 2.0 16V, een 1.4 en een 1.9 TD in het gamma komen. De tweede Seat Ibiza viel hier in Nederland in elk geval wel aardig in de smaak en verkocht beter dan zijn voorganger. Topjaar was 1995, toen er krap 5.000 stuks nieuw de showroom verlieten.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Generated by Feedzy