Het autonieuws van 30 jaar geleden – Uit de Oude Doos

De ene na de andere jonge Chinese fabrikant bestookt de Europese automarkt met concurrerend geprijsde modellen, diverse fabrikanten zetten in op maandelijks betalen voor opties in auto’s, de Mercedes-Benz G-klasse krijgt een elektrische broer en een oud Sovjetmerk krijgt een tweede leven vanwege de isolatie van Rusland. Zomaar een greep uit het autonieuws van deze week. Het zijn bijzondere tijden, zullen we maar zeggen. Een blik op de AutoWeek ‘journaal’-pagina’s van precies dertig jaar geleden is in dat kader haast een soort verfrissend. Toen beheersten heel andere zaken het nieuws.
Sportieve Skoda Favorit

Helemaal bovenaan de nieuwspagina’s treffen we een artikel over een nieuwe versie van de Skoda Favorit. Je weet wel, die erfenis van het Tsjechoslowakije van achter het IJzeren Gordijn. Na de val van de Muur kreeg Volkswagen een stevige vinger in de pap bij Skoda en verbeterde de Favorit op tal van punten. De Favorit kreeg echter nog wat meer elan dankzij de komst van een sportiever aangeklede versie: de Sport Line. Hierboven zie je die. Het was een beetje een onwennige combinatie, een Favorit met zaken als lichtmetalen wielen, een achterspoiler en getint glas. Onder de motorkap gebeurde er niets, ook deze sportiever aangeklede Favorit had gewoon de 54 pk sterke versie van de 1.3 aan boord. Pas met de komst van de injectieversie van die motor, twee jaar later, zou de Favorit op dat gebied ook wat sportiever worden, al bleef ‘sportief’ een relatief begrip.
‘Downsizing’ bij de Volkswagen Golf

Bij ‘downsizing’ denk je ongetwijfeld direct aan de opkomst van de kleine turbomotoren, eerder deze eeuw. Toch was er in de jaren-90 ook al sprake van. Dankzij onder meer de opkomst van injectie, zestienklepsmotoren en andere verbeteringen van de motoren bleek je met een kleinere cilinderinhoud al voldoende vermogen in huis te kunnen hebben. Zo schrapte Volkswagen dertig jaar geleden de lichtste 1.8 in het aanbod van de Golf en bracht er een 1.6 voor terug. De 75 pk sterke 1.8 (die overigens in combinatie met automaat nog wel gewoon leverbaar bleef) maakte plaats voor een even sterke 1.6. De 1.6 had een wat hogere compressie nodig dan de 1.8 om dat vermogen te bereiken en draaide wat meer toeren op hoge snelheid. Ook lag het maximumkoppel een slagje lager (125 Nm tegenover 140 Nm bij de 1.8). De winst zat in het verbruik; dat ging van 7,4 l/100 km voor de 1.8 naar 6,9 l/ 100 km voor de 1.6.
Topversie voor Renault 21 Nevada

Renaults strijdwapen in de middenklasse was dertig jaar geleden nog Laguna-voorloper 21. De stationversie, de Nevada, kreeg op de valreep nog een nieuwe (Nederlandse) topversie, de TXI. De TXI kreeg een kleinere motor dan de eerder duurste versie van de Nevada, de TXE, die een 110 pk sterke 2.2 had. De TXI deed het met een 2.0, maar wel een exemplaar dat met 136 pk vermogen duidelijk sterker was. Die maakte de Nevada bovendien wat vlotter: 0 naar 100 km/h ging in 10,2 seconden en de topsnelheid lag tegen de 200 km/h. Met de 2.2 had-ie er nog 10,7 seconden voor nodig en hield het versnellen op bij 186 km/h. Ook een aardig staaltje downsizing, dus. Bovendien kreeg je op de TXI standaard wat luxe zaken, zoals centrale deurvergrendeling, een boordcomputer, dakrails en een sportstuur.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Generated by Feedzy