Met de E1 zette BMW in 1991 al een stap naar de i3

BMW is al dik veertig jaar in de weer met elektrische auto’s. Niet toevallig zet het merk twee 1602’s met elektrische aandrijving in tijdens de Olympische Spelen van 1972, die praktisch naast BMW’s gloednieuwe hoofdkantoor werden gehouden: een geweldige promotie voor het merk. De auto’s transporteren vooral hoogwaardigheidsbekleders en ontpoppen zich als handige, want geluidloze camerawagens. Ze geven de verslaggeving van de marathon onbedoeld wat extra spanning, doordat hun actieradius van zestig hele kilometers maar net toereikend is voor de door de atleten af te leggen afstand.
De eerste BMW E1 uit 1991 was een stadsauto voor vier personen plus bagage.
Beter auto bouwen rondom de elektrische aandrijving
Na een uitgebreide praktijktest in de jaren 80 met een reeks omgebouwde 3-series, komt BMW tot de slotsom dat het beter een geheel nieuwe auto rondom de elektrische aandrijving kan bouwen dan de elektrische aandrijving aanpassen aan beperkingen van een bestaand model. Elektrisch rijden doe je niet op een snelweg, zo stelt BMW dan, maar in de stad. En dat idee leidt in 1991 tot de eerste BMW E1.
Gespoten in een modieuze metallic oranje lak is het best een opmerkelijk autootje. En alle 346 centimeters ademen het strakke design van BMW. Wie onder het glimmende huidje kijkt, ziet daar hoezeer de Beierse technici hun best hebben gedaan om van de E1 een innovatief autootje te maken. Alleen de wijze waarop de beschikbare ruimte is benut, dwingt al respect af. Er passen namelijk vier volwassenen plus bagage in de E1, die zelfs nog een stukje korter is dan de Nuova Fiat 500. De carrosserie bestaat uit een aluminium structuur waaraan kunststof panelen zijn bevestigd, een wijze van bouwen die de auto volgens BMW zowel sterk als licht maakt. Het 200 kg zware accupakket is onder de achterbank geplaatst, terwijl de motor en de transmissie in de achteras zijn geïntegreerd. Dit laatste gegeven heeft een geruststellend effect op zelfs de meest kritische liefhebbers van BMW, want deze elektrische stadsmus heeft de aandrijving ‘gewoon’ op de ‘juiste’ wielen! De prestaties zijn adequaat: de topsnelheid ligt op op 120 km/h en accelereren van 0 naar 50 km/h kan de E1 in een ronde zes tellen. Het opladen van de accu’s neemt zes uur in beslag en daarvoor krijgt de bestuurder een reikwijdte van inmiddels vier marathons tot z’n beschikking. 

Twee jaar nadat de E1 debuteert, wordt – eveneens in Frankfurt – een nieuwe, ingrijpend aangepaste editie van de E1 gepresenteerd. Deze is technisch geavanceerder, want hij heeft een systeem dat remenergie kan opslaan in het accupakket. Bovendien past de tweede E1 wat betreft in- en exterieurdesign naadlozer in het BMW-gamma. Die laatste, cruciale stap laat echter twee decennia op zich wachten, want pas in 2013 heeft BMW de i3 in de verkoop gezet. München wist in ieder geval de spanning erin te houden. En afgelopen zomer viel het doek voor de i3. Eerder dit jaar bladerden we voor de rubriek de Oude Doos terug in een AutoWeek van 1992 waarin we ook over de E1 geschreven, en ook over het vervolg de E2.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Generated by Feedzy