Waarom de Nissan Micra een bijzondere nieuwkomer was

Hoe zag het aanlooptraject van de Micra eruit?

In de jaren 80 waren kleine autootjes booming. Aangespoord door de oliecrisis vanaf 1974 en het succes van de originele Mini had ineens iede­reen oren naar een klein, hip en zuinig vervoermiddel. Ook Nissan wilde een graantje van die markt meepikken, maar het had zijn imago niet mee. Het Japanse merk – dat we toen nog kenden als Datsun – bouwde prima auto’­­s, maar was verder een beetje saai en belegen. Daarom keken jonge kopers eerder naar de Japan­se collega’s van Toyota met hun Starlet, of de Jazz van Honda. In Europa wisten merken als Ford, Peugeot, Citroën en Volkswagen niet hoe snel ze hun eigen variaties op dit thema op de markt moesten brengen. Fiat hoefde je op het gebied van kleine autootjes niks meer te leren. De Italianen waren drukdoende met de opvolger van hun 127, maar vonden de eerste schetsen van Giugiaro maar wat tammetjes. Nissan zag en greep zijn kans.
De geruchten gaan dat Fiat het ontwerp voor de 127-opvolger wat te tam vond en dat Nissan ermee aan de haal ging voor de eerste Micra.
Hoe revolutionair was hij eigenlijk?
De Micra zag er leuk uit, vierkant, maar wel lékker vierkant en met zelfvertrouwen zonder dat van de daken te schreeuwen. Rijden deed hij ook erg goed, met zijdezachte en trefzekere bediening. Het opvallendste aspect van de Micra zat onder de motorkap: een klein, speciaal voor de Micra ontwikkeld viercilindertje dat volledig van aluminium was en maar net iets meer dan 100 kilo woog. Zo’n lichtgewicht motortje maakte de Micra lekker pittig, zonder veel benzine te consumeren. De Micra zou altijd een muurbloempje blijven, alleen wie erin reed wist dat het een erg lekker rijdend wagentje was. Maar echt revolutionair? Nee, dat zat niet in de aard van het beestje.

De Nissan Micra kreeg een motortje dat maar iets meer dan 100 kilo woog.
Wat vonden pers en publiek?
Er ontstond bepaald geen ophef toen Nissan op de Tokyo Motor Show van 1981 de NX-018 onthulde. Ja, leuk, next, zo kon je de reacties van pers en publiek wel samenvatten. Dus organiseerde Nissan een prijsvraag om het nieuwe model van een meer sexy naam te voorzien. Dat werd ‘Nissan March’, maar in Europa besloot Nissan de auto Micra te noemen. Ook nadat hij bij de dealers stond hoorde je van pers en publiek nauwelijks een kwaad woord over de Micra. Iedereen vond ’m prima, maar wel een beetje anoniem. Echte petrolheads vergaten al snel dat de Micra bestond, en de mensen die er wél eentje kochten – lui die zochten naar goedkoop, betrouwbaar en praktisch vervoer – vergaten anderen te vertellen dat hun Micra eigenlijk best geweldig was. Het plaveide de weg voor een bestaan in de luwte, dat daarom niet minder succesvol was.

De Nissan Micra bij zijn debuut.

Wat waren zijn concurrenten?

Nissan wilde het met de Micra vooral opnemen tegen zijn landgenoten. De Honda Jazz dus, en vooral verkoop­kanon Starlet van aarts­rivaal Toyota. Toen de Micra de markt betrad, deed hij dat vrijwel gelijktijdig met grof geschut van de Europese collega’s. De Corsa van Opel, de 205 van Peugeot en de tweede generatie van de Volkswagen Polo en de Ford Fiesta. Geen klein bier, maar de Micra stond zijn mannetje in die keiharde strijd.
De Opel Corsa, ook een van de lichting 1982.
Wat waren de keuzes bij de marktintroductie?
Bij Nissan betekende een kleintje in het gamma ook een klein palet aan keuzes. Bij de introductie was de Micra er slechts als driedeurs hatchback, met een éénliter-motor onder de kap. Een kale DX kon je krijgen, of een wat luxere SDX of GL, als je wat meer guldens te besteden had. Voor die guldens kreeg je dan onder meer ruitenwissers mét interval, een toerenteller, een dagteller of een in delen neerklapbare achterbank als extra. Later kon je zelfs een 1.2-liter motor voorin je Micra krijgen, maar spectaculair werd het nooit. Het waren eenvoudige tijden in 1982, en Nissan maakte de dingen niet graag moeilijker dan nodig.

De DX, de kaalste Nissan Micra.

Hoe werd de Nissan Micra onthaald?

Lauwtjes, maar dat lag meer aan het ontvangstcomité dan aan de Micra zelf. Nissan mikte op de jonge doelgroep – en wist die deels ook te bereiken – maar vond vooral de traditionele, eigen doelgroep in de showroom. Kopers die een auto zien als vervoermiddel dat zijn werk moet doen, niet te veel moet kosten en vooral niet te veel moet opvallen. Autojournalisten bekeken de Micra door hun petrolheadbril en schreven er een beetje neerbuigend over, terwijl veel van de niet-lullen-maar-poetsenkopers van de Micra juist door hun kleine Nissan wat hebben geleerd over de geneugten van lekker autorijden.

Waren er nog bijzonderheden tijdens zijn levensloop?

Bij ons bleef de Micra altijd een beetje op de achtergrond. De introductie van de vijfdeurs in 1987 bleef bijna net zo onopgemerkt als de facelift van 1989, waarin een frisse neus de opvallendste wijziging was. De tweede generatie van de Micra verscheen in 1992, en hoewel die er radicaal anders uitzag – rond, in plaats van hoekig – bleef ook de tweede Micra een onopvallende, trouwe dienstmakker voor de praktisch ingestelde mens. In zijn verdere leven evolueerde de Micra naar een soort kikkertje met bolle oogjes, waarvan zelfs een cabrio verscheen en weer terug naar een net, maar onopvallend hatchbackje. In 2016 verscheen de laatste, compleet nieuwe Micra. En verhip, die vinden we zelfs zes jaar later nog best wel hip. Die levensloop lijkt dus nog niet voorbij, en dat is knap, na veertig jaar.

Welke uitvoering spreekt het meeste tot de verbeelding?

Tot de verbeelding spreken? Dat kan een Micra toch helemaal niet? Ja, dat zou jij als nuchtere Hollander misschien denken, maar vergeet niet dat de Micra in Japan werd geboren. Je mag het misschien niet altijd terugzien in het design van hun auto’s, maar Japanners hebben nogal een rijke verbeelding, die ze regelmatig uiten in bizarre creatieve uitspattingen. Van de K10, dat is de allereerste Micra, verscheen in Japan een turbo-variant  en wij zijn de laatste om te beweren dat die niet leuk was. Maar herinner je je de Nissan Figaro, dat guitige retro-cabriootje uit de jaren 90? Dat is onderhuids een Micra. En de Mitsuoka Viewt? Je weet wel, die net niet helemaal mislukte remake van de Jaguar MKII? Ook dat is onderhuids een Micra.

Jawel, hij was er ook met turbomotor. In Japan, en daar heette de Micra altijd March.

Wat is de impact van de auto geweest?

Heeft de Nissan Micra impact gehad? Nou en of, maar we staan er te weinig bij stil. Die impact zit ’m niet eens in het feit dat de Micra mensen die daar niets mee hadden iets heeft weten te leren over ‘rijplezier’. Het gaat er vooral om dat hij honderdduizenden, zo niet miljoenen, mensen zonder op te vallen, zonder morren en zonder excessieve kosten van A naar B heeft vervoerd. Trouw als een hond die altijd klaarstaat voor de baas. Dankzij hun Micra hebben mensen hun werk kunnen doen, hun hobby’s kunnen uitoefenen, hun familie kunnen bezoeken en hun vrienden kunnen zien. Die impact is natuurlijk niet uniek voor de Micra, maar hij is belangrijker dan de impact van een mooi design, een revolutionaire motor, een bizarre ­topsnelheid of een geluid dat je van ontroering laat janken. Net als alle ­auto’s verdient de Micra een pluim voor zijn trouwe dienst.

Hoeveel  zijn er nog over?
Hoeveel exemplaren er van de eerste Nissan Micra gebouwd zijn is niet bekend, wel hebben we kunnen achterhalen hoeveel er nog over zijn in Nederland.
                     1.0             1.2                  

1983      8
1984      7
1985    23
1986    47
1987    37
1988   23
1989     3              37
1990     8              51
1991      3              71
1992     2              87
1993     –                3

Totaal 411

Bron CarTalk International
 

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Generated by Feedzy