Polestar 5: veelbelovend vlaggenschip – Vooruitblik

‘Nee, heus, het is écht geen Volvo!’ Bij Polestar hebben ze woorden van die strekking de laatste ­jaren vaak gebezigd, maar vermoedelijk even vaak zonder een noemenswaardig effect. Dat is niet zo gek, want de Polestars die we tot nu toe kennen, lijken vanbuiten én onderhuids als twee ­druppels water op de modellen die zustermerk Volvo voert. De Polestar 1 was in feite een coupé op basis van de Volvo S60, terwijl de Polestar 2 zijn leven begon als concept-car van Volvo. Dat is te zien, want met zijn ‘thorhamer’-koplampen, strakke lijnen en grote grille is het design echt ‘Volvo’, zij het met een wat moderner en meer ­hightech sausje. Nu weten we al een tijdje dat het ­onderscheid met toekomstige ­modellen veel groter wordt. In 2020 presenteerde Polestar de Precept, een ­concept-car die een nieuwe designrichting liet zien. Het strakke en opgeruimde dat wij Europeanen zo mooi vinden, mocht blijven, maar krijgt een combinatie met scherpere vouwen en een geheel eigen indeling van achterzijde en neus. De Precept gaat met minimale wijzi­gingen in productie als Polestar 5.
Hoewel de afbeeldingen op deze pagina’s nog niet officieel zijn, kun je er rustig van uitgaan dat de nieuwe Polestar er straks zo ­uitziet. De auto is namelijk al eens op ­patentschetsen voorbijgekomen, zodat onze huiskunstenaar alleen nog de al getoonde details naar een wat realistischer afbeelding hoefde te vertalen. Op die afbeeldingen zien we een langgerekte, lage auto, die ongetwijfeld een uitstekende stroomlijn heeft. Daarmee schaart de ‘5’ zich in een groeiende rij van zulke ‘stroomlijn-EV’s’, die we bij Mercedes vinden onder de namen EQE en EQS en een segmentje lager ook als Hyundai Ioniq 6. Tesla’s vallen met een beetje goede wil ook in deze categorie, net als de BMW i4.
Twee elektromotoren
Polestar lijkt zijn pijlen echter vooral te richten op de Porsche Taycan en Audi RS e-tron GT, in ieder geval wat betreft vermogen. In de krachtigste vorm levert de EV van Zweeds-Chinese komaf namelijk 884 pk en 900 Nm, meer nog dan een Taycan Turbo S. Veel meer dan die cijfers en het feit dat er twee elektromotoren aan boord zijn, weten we nog niet van de techniek. Wel is duidelijk dat de ­Polestar 5 op een eigen, puur voor EV’s bedoeld platform staat. Dat is een groot verschil met de Polestar 2, die zijn technische basis deelt met de ook met verbrandings­motoren leverbare Volvo XC40. De stroomlijn, de nieuwe basis en de hoge positionering doen eveneens vermoeden dat Polestar zijn eigen grenzen op het gebied van actieradius flink gaat opschuiven, door een grotere stroomvoorraad én hopelijk ook een wat ­lager verbruik.
Polestar 5 – Illustratie: Larson
Een interessante vraag bij dit soort ­coupé-achtige modellen is of het om een vier- of een vijfdeurs gaat. Bij Polestar ­konden ze klaarblijkelijk niet kiezen, want de 5 houdt keurig het midden tussen deze twee opties. Dat kan, omdat de auto in feite geen achterruit heeft. Het panoramadak loopt wel ongebruikelijk ver naar beneden door, waardoor de kans bestaat dat er in een eventuele binnenspiegel toch nog wat te zien is. Direct na dat dak, ongeveer halverwege waar normaal gesproken de ruit zou zitten, begint de achterklep. Die is dus duidelijk ­hoger dan bij een echte sedan, maar minder hoog dan bij een volwaardige liftback. Een camera verzorgt het zicht naar achteren, op de scheidslijn tussen glas en koets. De ­achterkant is grotendeels dicht. Hij wordt ­onderbroken door een achterlichtcombinatie in de vorm van een omgekeerde U, waardoor het geheel een beetje aan de Volkswagen XL-1 doet denken. Dat zuinigheidswonder had trouwens evenmin een achterruit, wat de ­gelijkenis alleen maar groter maakt. De zijspiegels zijn nog wel echte spiegels, in elk geval bij sommige uitvoeringen. Het valt niet uit te sluiten dat camera-spiegels straks ­tegen meerprijs te bestellen zijn. De ­handgrepen liggen keurig verzonken en de zijruiten zijn van de stijlloze soort, voor een sportieve en strakke uitstraling.
Pas in 2024 op de weg
Opvallend is het zwarte element op dorpelhoogte, dat ongetwijfeld de aanwezigheid van een fors accupakket moet laten doorschemeren. Aan de voorzijde springen de in twee lagen opgesplitste koplampen in het oog. Met hun L-vorm lijken de delen elkaars spiegelbeeld, wat mooi bij het logo van Polestar past. De grote, zwarte grille van de Polestar 2 is definitief verbannen. De neus is juist glad, strak en grotendeels dicht, zoals het een EV betaamt. De forse voorklep biedt hopelijk toegang tot extra bagageruimte.
Hoewel de Polestar 5 al erg ‘af’ lijkt en in licht gecamoufleerde vorm zelfs al in actie kwam tijdens het Goodwood Festival of Speed, moeten we volgens de officiële lezing nog tot 2024 wachten voor het definitieve productiemodel ten tonele verschijnt. Eerst moet nog de Polestar 4 verschijnen, een SUV die wat behoudender van vorm is, maar toch ook een heleboel designelementen deelt met het toekomstige vlaggenschip.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Generated by Feedzy