Ford Sierra 40 jaar: het verhaal achter 'Project Toni'

Hoe zag het aanlooptraject van de Ford Sierra eruit?
De Ford Taunus liep eind jaren 70 op zijn laatste benen en had dringend behoefte aan een opvolger. Dat project, dat intern bij Ford de naam ‘Toni’ kreeg, was van groot belang, dus het behoefde deskundige leiding. Laat dat maar over aan Uwe Bahnsen, Patrick le Quément en Robert Lutz, dachten ze bij Ford. De drie ontwerpers – alledrie toekomstige legendes in hun vak – gingen aan de slag, en verrasten het publiek in 1981 met de Probe III, een futuristische en gestroomlijnde concept-car. Met dat soort prototypes werd het publiek op auto­shows in de jaren 80 haast doodgegooid, maar de Probe was anders dan andere prototypen. Twaalf maanden later zou hij op de markt komen. Van alle details die voor de productieversie werden gewijzigd, was de naam wel de grootste: de Probe III zou op de markt komen als Ford Sierra.
Ford Probe Concept

Hoe revolutionair was hij eigenlijk?

De geboorte van de Ford Sierra was misschien wel de zwaarste bevalling van 1982. Het was nogal een auto die het apetrotse Ford op de autoshow van Birmingham presenteerde, want een bijna ongewijzigde Probe III had het publiek niet verwacht. Niet dat de Ford Sierra lelijk was, maar het leek wel een ruimteschip, zeker vergeleken met zijn voorganger. De Taunus was inmiddels flink verouderd, maar dat conservatieve three-box-design lag begin jaren 80 nog best lekker bij het grote publiek. Zeker in Ford-land Groot-Brittannië, waar de Taunus weliswaar Cortina heette en publiekslieveling nummer één was. Ze verslikten zich daar in Engeland zowat in hun ‘hash’, terwijl de aardappelen de verstokte Ford-rijders in Duitsland en Nederland ineens minder goed smaakten. Dit was wel héél radicaal.
Hoe werd de Sierra onthaald?
De reacties van publiek en pers op de Sierra liepen sterk uiteen. Er was een groep die het de miskleun van de eeuw vond en de Sierra bij voorbaat bestempelde als gedoemd te mislukken. Een minstens zo grote groep was toch ook wel onder de indruk van de futuristische lijnen die Bahnsen, Lutz en Le Quément hadden bedacht. Journalisten prezen de moed van het trio, maar vroegen zich bij het aanschouwen van de eerste Sierra die het publiek te zien kreeg wel vertwijfeld af waar Ford aan was begonnen. Die eerste Sierra was trouwens een vijfdeurs hatchback, bronskleurig, in de luxe Ghia-uitvoering.

Wat waren de keuzes bij de marktintroductie?
De vijfdeurs hatchback was de eerste. Het zou de meest markante Sierra blijven, met het puntige zijruitje in de C-stijl. Niet lang na de introductie kreeg hij gezelschap van een driedeurs hatchback en een stationwagon, waarvan de achterkant zo hoekig was dat de Taunus er jaloers van zou worden. De techniek van de Sierra was een verhaal apart, want zo modern als de koets was, zo oubollig was de aandrijflijn. Achterwielaandrijving in een tijd waarin juist voorwielaandrijving in opkomst was, zorgde al voor gefronste wenkbrauwen, en datzelfde deed het motorenaanbod. Keuze was er genoeg, maar de 1.3-, 1.6- en 2.0-vier­cilinders waren bij de introductie van de Sierra al een dik decennium oud en stonden bekend als Pinto’s, naar de Amerikaanse Ford waarin deze blokken al in het begin van de jaren 70 hun opwachting maakten. Je kon de Sierra ook kopen met een zescilinder, maar ook die Cologne-V6 was een oude bekende met een lange historie.
Nog bijzonderheden tijdens zijn levensloop?
De eerste correctie van het ontwerp kwam al in 1985. Er verschenen toen kleine, aerodynamische randjes op de C-stijl, achter de zijruit. Die ‘oortjes’ moesten bij zijwind voorkomen dat de auto instabiel werd door wervelingen. De eerste grote facelift kwam in 1987. De neus en achterlichten werden wat algemener, maar de koper slaakte een zucht van verlichting toen Ford toch een sedan maakte. Het zag er wel raar uit, die aerodynamische koets met een vierkante kofferbak erop geplakt, maar mede door die sedan gingen de verkoopcijfers van de Sierra flink omhoog. In 1990 volgde nog een facelift en kregen alle Sierra’s voortaan de ‘Cosworth-neus’ en stoere, rookglazen achterlichten. Bij de laatste opfrisbeurt, in 1992, kreeg de Sierra een vernieuwd dashboard, waarbij het nieuws in feite niet veel meer besloeg dan een ronde koepel boven de meters en strak vormgegeven ventilatieroosters. Van de Sierra bestaat een aantal bijzondere varianten. De Cosworth – eerst als hatchback en later alleen als sedan – is de snelste en meest bijzondere. Op circuits en bij rallyproeven reeg deze Sierra de successen aaneen. De XR4i was ook speciaal, met een mooie V6 onder de kap, een dubbele achterspoiler en een bijzondere carrosserie: het was een driedeurs hatchback, die in plaats van de enorme achterste zijruit een kleiner zijraam kreeg, met daarachter het puntige zijruitje van de vijfdeurs. Die XR4i was de enige Sierra die je ook in de Verenigde Staten kon kopen, maar hij heette daar anders. De naam Sierra was ter plaatse al van GMC. Als reactie op de luxemerken Lexus en Acura van Toyota en Honda kwam Ford met het merk Merkur. De Ford Sierra XR4i werd in de VS daarom de Merkur XR4Ti. De T staat voor de turbo, die de Amerikanen er gratis bij kregen. De XR4i werd in 1986 opgevolgd door de XR4x4, met vierwielaandrijving. Die was in 1988 even in het nieuws toen een jonge prins Willem-Alexander zijn zwarte XR4x4 in een Leidse sloot parkeerde. Twee jaar daarvoor had Formule 1-teambaas Frank Williams een ongeval met een bij Hertz gehuurde Ford Sierra in Zuid-Frankrijk. De rest van zijn leven was hij aangewezen op een rolstoel.
Ford Sierra XR4i
Wat waren zijn concurrenten?
De Sierra was een middenklasser en dus een allemansvriend. De concurrentie kwam daarom van alle kanten. Van de Opel Ascona (1) maar ook van de Volkswagen Passat, de Toyota Carina, de Audi 80, de BMW 3-serie, de Saab 900, de Renaults 18 (2) en 20, de Peugeot 505, de Mazda 626 (3) en de Mitsubishi Galant. Sommige concurrenten stonden handenwrijvend te wachten op Ford-rijders die wegrenden voor de Sierra, op weg naar een auto die meer op hun geliefde Taunus leek.
Hoe werd hij ontvangen door de consument?
De consument wist niet wat hij zag toen de Sierra op de markt kwam. Dat was niet altijd positief, want de stap van de hoekige sedans van die tijd naar de futuristische, aerodynamische Sierra was voor veel kopers te groot. Het duurde echt wel een paar jaar voor de Sierra voet aan de grond kreeg, maar uiteindelijk zouden er in zijn hele levensloop, die tot 1993 duurde, toch bijna 149.000 Sierra’s op Nederlands kenteken worden gezet. Dat was nog peanuts vergeleken bij het Verenigd Koninkrijk, waar er bijna 1,3 miljoen werden verkocht. De combinatie van oersterke techniek, het vertrouwde blauwe ovaal en een gedurfd ontwerp dat met de jaren mooier werd gevonden, gaven voor de Sierra uiteindelijk de doorslag.
Ford Sierra Cosworth
Welke uitvoering spreekt het meeste tot de verbeelding?
Gezien zijn futuristische koets zou je kunnen stellen dat elke Sierra tot de verbeelding spreekt, maar één Sierra springt eruit. De homologatiespecial, de Sierra RS500 Cosworth, is doodeenvoudig de meest speciale Sierra die er bestaat. Ten opzichte van de toch al niet kinderachtige ‘gewone’ Cosworth had deze uitvoering een grotere turbo en intercooler, een betere brandstofpomp, meer injectoren, een andere voorbumper met meer koelmogelijk­heden en een extra spoiler. Slechts één van de 500 gebouwde exemplaren bevindt zich in Nederland. Trouwens, in ons land bevindt zich nog een extreem zeldzame Sierra: de enige XR4i stationwagon die ooit werd gebouwd. Dat gebeurde in 1984 in opdracht van het Duitse tijdschrift Auto Motor und Sport, dat de auto vervolgens weggaf als hoofdprijs van een prijsvraag. Die auto vind je terug als Blits Bezit-video op onze website.
Hoeveel zijn er gebouwd en hoeveel zijn er nog over?
Tussen 1982 en 1993 werden er in totaal 2,7 miljoen Sierra’s gebouwd, waarvan er 148.868 een Nederlands baasje vonden. Van dat aantal zijn er nog 2.000 over, die als volgt zijn verdeeld over de bouwjaren:
1982: 32
1983: 229
1984: 202
1985: 238
1986: 160
1987: 272
1988: 240
1989: 202
1990: 34
1991: 60
1992: 243
1993: 88

Wat is de impact van de Ford Sierra geweest?
Dat de Sierra impact had, kun je wel zien aan de verkoopcijfers. Het was een vervoermiddel voor de massa, zeker in het Verenigd Koninkrijk. Die trend zette zich voort, want in het kielzog van Sierra-opvolger Mondeo ontstond daar de term ‘Mondeo-man’, een omschrijving voor de typische Brit uit de middenklasse: doodgewoon, stoïcijns, hardwerkend, hart van goud en een Mondeo op de oprit. Die term was er nooit gekomen als de Sierra zijn werk niet goed had gedaan, dus diep in zijn hart is de Mondeo Man ook een beetje Sierra Man. Maar de blijvende erfenis van de Ford Sierra is vooral dat een doorsnee auto niet saai hoeft te zijn. Dankzij de Sierra weten we dat je als gewone man of vrouw met opgeheven hoofd in iets bijzonders kunt rijden.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.